Betrokkenheid

 

Het is 21.30 en ik zit te wachten op een bericht van mijn cliënt. Ze gaat vanavond oefenen haar angst te overwinnen.

Normaal gesproken eindigt mijn dag om 17.00 uur. Ik oefen met cliënten tijdens de therapiesessies verschillende dingen, waarna ze zelf thuis verder oefenen. Alleen dit keer is het anders.

Tijdens de sessie oefenen we datgene wat de cliënt spannend vindt en vervolgens zeg ik: “Dit kan je vanavond dan gaan proberen”. Ik zie de angst in het gezicht van de cliënt en ik vraag of de oefening misschien toch te hoog gegrepen is. De cliënt zegt dat ze het wel wil proberen, maar niet weet hoe. Het is zo spannend.

Dit is het punt dat ik net dat stapje extra wil doen voor de cliënt. Misschien ben ik te betrokken? Maar ik wil graag dat het haar lukt om deze angst te overwinnen. Ik stel voor dat de cliënt mij vanavond belt voordat ze gaat slapen. Dit is het moment waarop de spanning het meest toeneemt en ik haar zal helpen de oefening uit te voeren.

En dan gaat de telefoon. Ik zit op de bank met mijn pyjama al aan en neem op. De cliënt klinkt gespannen. Samen doorlopen we de oefening totdat de spanning langzaam afneemt bij de cliënt. Het is gelukt! We kletsen nog wat over mijn huiskat die voorbij huppelt. De cliënt lacht en zegt: “Het voelt nu goed om te gaan slapen.”

Met een tevreden gevoel hang ik op. Trots op de cliënt dat ze dit heeft gedaan. Blij dat ik echt maatwerk kan bieden zodat de behandeling echt helpt. Misschien ben ik te betrokken? Het maakt mij niet uit, zolang we maar een succeservaring kunnen behalen en daarvoor moet je soms net een stapje verder gaan.

 

Geschreven door behandelaar Jessica Lodeweegs.