Schreeuwen, krijsen, schoppen en slaan. Wat kan je ermee?

 

Ieder kind is wel eens boos. Ouders kunnen dat goed begrijpen en hier vaak ook goed mee omgaan. Je maakt je als ouders zorgen wanneer je kind bij het minste geringste agressief wordt, in de boze bui blijft hangen en anderen pijn doet.

 

Hoe graag je als ouders dit boze gedrag wil stoppen, is dat niet altijd de oplossing. Boosheid is een gevoel, net als blijdschap, angst en verdriet. Alleen wanneer boosheid te ver uit de hand loopt, wil je je kind wel helpen die boosheid te beheersen en op een passende manier te gebruiken.

 

Tips voor ouders:

  • Probeer te ontdekken wat er achter de boosheid zit. We zijn vaak geneigd om te reageren op de boosheid. Het vervelende gedrag. Dit zorgt voor nog meer negatieve interacties.
  • Wanneer je kunt ontdekken wat er achter de boosheid zit, kun je dat benoemen: "Ik zie dat je boos bent omdat het niet lukt. Dat snap ik. Hoe kan ik je helpen?" Door steeds woorden te geven aan de boosheid van je kind, voelt je kind zich gezien, gehoord en begrepen. Bovendien leert je kind hierdoor boosheid te uiten en behoefte duidelijk te maken.
  • Leer de boze signalen van je kind herkennen en bedenk samen met je kind hoe je  kunt voorkomen dat dit verder oploopt
  • Soms lukt het niet om situaties te voorkomen. Maak dan gebruik van helpende gedachten. Bijvoorbeeld: "Het was maar een ongelukje" of "Ik probeer het later nog eens", "Ik overleef het wel".
  • Las een pauze in voor je kind zodat de boosheid er op een veilige manier uit kan komen. Dit kan op een rustige of juist een actieve manier. Afhankelijk wat past bij je kind.
  • Wanneer er een groot probleem achter de boosheid zit, los deze dan samen op. Soms is het ook goed om juist weer door te gaan en de boosheid achter je te laten.